Tijdens de Paasdagen las ik het boek ‘Het Dodo Effect’ van Gyuri Vergouw. Een van de hoofdstukken uit dit boek is getiteld ‘de commitment illusie’. Nou vind ik het woord commitment een containerbegrip, iedereen kan er wat anders onder verstaan. Verder wil het uitspreken van commitment nog niet inhouden dat er gebeurt wat is afgesproken. Kortom: ‘ja’ zeggen en ‘nee’ doen.

Iedereen wil commitment… Zonder kunnen we niet (meer). Het lijkt een toverwoord om veranderingen daadwerkelijk doorgang te laten vinden. Iedereen wil het, iedereen vraagt het. En als je het uitspreekt kijk je er gewichtig bij, want het is een hele stap….

Vergouw schept voor mij wat duidelijkheid door een formule te introduceren:

CVT = Fx (M*O*ED*ES* (V*T))

De letters in de formule staan voor:

  • CVT = commitment voor transitie.

Dit commitment wordt bepaald door:

  • M = een heldere missie en visie
  • O = ontevredenheid bij de medewerkers over de huidige situatie
  • ED = Externe druk; zonder deze druk zal er weinig motivatie zijn om te veranderen
  • ES = eerste stappen; managers en medewerkers willen op korte termijn zien dat iets ‘werkt’
  • (V*T) = De vaardigheden en talenten van de medewerkers: kunnen ze de verandering wel aan?

Het maken van een ‘simpele afspraak’: we doen het op deze manier OK? Is dus niet genoeg blijkt. 1 keer 0 bij de diverse onderdelen levert een 0-score op.

Had ik dit boek (dat al geruime tijd op de plank lag) eerder gelezen was ik niet in de zogenoemde commitmentsillusie ( dacht dat het duidelijk was, bleek niet te werken/ zo te zijn) gestapt.

Maar ja, in commitment moet je geloven toch? Anders word je zo’n kritische azijnpisser, die zegt ‘eerst zien, dan geloven’? Uitgaan van het positieve in de mens en de wens om het beter te doen is voor mij toch de charme van mijn werk

Ik zal dus nog vaak commitment-illusies hebben ben ik bang.